Wie over de Grote Markt van Brugge wandelt, kan er onmogelijk naast kijken: het Provinciaal Hof. Dit imposante neogotische gebouw trekt meteen de aandacht met zijn elegante torentjes, spitsbogen en rijk versierde gevel. Maar achter deze prachtige façade schuilt niet alleen een boeiend verleden, ook vandaag valt er binnenin heel wat te beleven. Ontdek je mee?
Een rijke geschiedenis
Het huidige Provinciaal Hof werd gebouwd op de plek waar zich oorspronkelijk de Waterhalle bevond, een middeleeuws handelsgebouw dat in de 13de eeuw het kloppende hart van de Brugse havenactiviteit was. Toen de reien verzandden en Brugge haar economische macht verloor, werd het gebouw afgebroken. In de 18de eeuw kwam er een klassiek gebouw in de plaats: het Provinciehuis.
In de negentiende eeuw werd het nog maar eens opnieuw opgetrokken in neogotische stijl en deed het heel lang dienst als het administratieve centrum van West-Vlaanderen.
Binnen is er nog niets van de grandeur verdwenen. Hoge plafonds, houten lambriseringen, gebrandschilderde ramen en verfijnd beeldhouwwerk brengen je terug naar een tijd waarin architectuur nog pure kunst was.
De ziel van de West-Vlaming
Als rasechte West-Vlaamse stond een bezoek aan het Provinciaal Hof al een tijdje op mijn lijstje. Niet voor de hierboven vermelde prachtige architectuur, maar voor ‘Het Hof der Dingen’, een interactieve tentoonstelling met voorwerpen die het leven, wonen, werken en de echte ziel van de West-Vlaming illustreren. Die voorwerpen werden geselecteerd door niemand minder dan curator Wim Opbrouck; bekend van televisie én van zijn muziekgroep de Dolfijntjes.
En die West-Vlaamse voorwerpen, dat is echt heel breed. Zo valt mijn oog direct op het ‘kevertje’ van Bellewaerde, een karretje uit de iconische attractie die een paar jaar geleden afgebroken en vervangen werd. Iedere West-Vlaming heeft ooit wel eens in zijn of haar leven op schoolreis in deze attractie gezeten. Heel grappig om hier terug te zien!
Maar het gaat evengoed over andere typische West-Vlaamse dingen zoals de lekkere garnaalkroket, of de aangespoelde potvissen, de mosterd van Wostyn, de lukken of typische spreuken zoals ‘In ieder kot ist er etwot’.
Heel leuk en herkenbaar! Ook voor de Hollandse echtgenoot trouwens (dus denk zeker niet dat alleen West-Vlamingen dit leuk zullen vinden 😊).
Een trap zoals uit de boekjes
Eén van de mooiste elementen van het gebouw is de monumentale trap.
Ik heb niet veel fantasie nodig om hier een gravin in een prachtige jurk met sleep onder het zachte licht van de glas-in-loodramen, naar beneden te zien komen 😊
Maar bon, er moet geklommen worden, dus op naar de bovenverdiepingen.
We komen uit bij een monumentale zaal waar tot in de jaren ‘90 de provincieraad zetelde, echt een indrukwekkende plek. Hier is echt geschiedenis geschreven, dat voel je gewoon, en we wanen ons dan ook echt een gouverneur, als we vooraan plaatsnemen bij het spreekgestoelte. Vanuit de andere zaal is er trouwens een prachtig zicht op de Grote Markt van Brugge.
Dansen op West-Vlaamse klanken
In het Hofcafé smullen we van een West-Vlaams tapasplankje en een lokaal drankje.
Daarnaast spotten we nog een laatste leuke kamer in dit Provinciaal Hof, van waaruit vrolijke deuntjes klinken.
Deze kamer is een eerbetoon aan de West-Vlaamse muziekcultuur met zelfs een dansvloer. Met een knipoog naar het wereldberoemde Dranouter festival word je hier uitgenodigd om te bewegen. En dat die West-Vlaamse muziek aanstekelijk is; wordt duidelijk als ik zelfs buitenlandse toeristen naast mij vrolijk zie mee dansen. Heerlijk!
Shop till you drop!
Ieder museum of attractie heeft tegenwoordig een shop met leuke hebbedingetjes. En hier is dat niet anders!
De Hofshop heeft een selectie van artisanale West-Vlaamse streekproducten zoals biertjes, maar heeft ook een heleboel leuke en grappige producten met typische West-Vlaamse uitspraken. Mo how zeg!
Praktische info
Het Provinciaal Hof ligt pal op de Grote Markt van Brugge, vlak naast het Belfort. Daardoor is het vlot bereikbaar te voet, met de fiets of het openbaar vervoer. Er zijn verschillende betaalparkings voor de wagen in Brugge, zowel in het centrum als aan het station.
Het gebouw is vrij te bezoeken van 10u30 tot 18u, de sluitingsdag is dinsdag.
De toegang tot het gebouw is gratis bij tentoonstellingen en evenementen. Vooraf reserveren is soms vereist, afhankelijk van het soort activiteit. Het is ook mogelijk om het gebouw te bezoeken met een gids, wat aan te raden is voor wie meer wil weten over de kunstwerken, de geschiedenis en de bijzondere architectuur.
Kom je met kleinere kinderen of met heel het gezin? Er is niet alleen een zoektocht beschikbaar, maar ook een gezelschapsspel dat je samen tijdens je bezoek kan spelen.
Lunchen of een drankje kan bij het Hofcafé, dat uitgebaat wordt door een maatwerkbedrijf.