Zeldzame bosvleermuizen in het Rivierenhof
Geschreven door Lore op 19 feb 2024Ontdek de overwinterende bosvleermuizen in het Provinciaal Groendomein Rivierenhof in Deurne! In de vleermuiskasten hebben deze kleine vrienden de winter doorgebracht. Van de 7 die er midden december waren, zijn er na de koudeprik in januari nog 3 over. Misschien hebben de anderen wel een knusse plek in dikke holle bomen gevonden. Het is pas de tweede keer dat overwinterende bosvleermuizen in België zijn waargenomen. Ga snel kijken en ontdek deze bijzondere bewoners!
Mireille Colson, gedeputeerde bevoegd voor recreatie- en groendomeinen, is verheugd: “De domeinwachters in het Provinciaal Groendomein Rivierenhof stelden deze winter voor het eerst overwinterende bosvleermuizen officieel vast. De vleermuizen slapen in de vleermuiskasten die sinds een tiental jaar in het domein ophangen. De kasten in het zijn al langer bewoond door gewone en voornamelijk ruige dwergvleermuizen. Van deze laatste soort zijn er uitzonderlijk hoge aantallen, met soms wel 15 dieren in 1 vleermuiskast. Door het onverwachte succes en de bijzondere waarnemingen in de vleermuiskasten, besliste de provincie Antwerpen om nog extra kasten op te hangen.”
Peter Verdyck, directeur Provinciale Groendomeinen regio Antwerpen, voegt toe: “Alhoewel het Rivierenhof een erg druk bezocht park is, gaat er heel wat aandacht naar de natuur. Voor zeldzame dieren zoals sommige vleermuizensoorten doet het park extra inspanningen. In de vleermuiskasten kunnen de dieren schuilen en overwinteren. De vleermuizen voeden zich vooral met insecten en spinnen en zijn een belangrijke schakel in de voedselketen. De vondst van de verschillende vleermuizensoorten in het Rivierenhof toont aan dat het zoeken naar een goed evenwicht tussen recreatie en natuurbeheer een succesverhaal kan zijn voor zowel de biodiversiteit als de parkbezoeker.”
Bijzondere waarnemingen
Rens Hendrickx, domeinwachter in het Rivierenhof, vertelt meer over de bijzondere observatie: “Deze nieuwe waarneming bevestigt dat een deel van de populatie bosvleermuis in Vlaanderen overwintert en de dieren jaarrond in het Rivierenhof verblijven. Eerder onderzoek van vleermuizenwerkgroep van Natuurpunt in 2023 toonde aan dat minstens een deel van de Belgische zomerpopulatie naar Spanje vliegt om te overwinteren. Waarom een deel van de dieren in hun zomerhabitat blijft, is vooralsnog onduidelijk. Mogelijk beslissen sommige paargroepjes om niet verder te trekken. Zo’n paargroep ontstaat in de herfst wanneer een mannetje met een baltsroep meerdere wijfjes in zijn boomholte of kast verzamelt om te paren. In de herfst werden ook in het Rivierenhof baltsroepen van bosvleermuizen geregistreerd.”
De waarnemingen geven ook aan dat het kappen van bomen met holtes in de winter de al bedreigde populatie van de bosvleermuis verder in gevaar zou kunnen brengen. Bomen met holtes worden daarom best zo veel mogelijk behouden.
De eerste waarneming van overwinterende bosvleermuizen gebeurde in vier bosgebieden in Zuid-Oost Limburg in februari 2023. De dieren werden gevonden in vleermuiskasten die in 2012 voor onderzoek werden opgehangen. De kasten werden geregeld gecontroleerd, maar nooit eerder in de winter. Over de 210 kasten werden 6 bosvleermuizen aangetroffen. Enkele weken geleden werden er 12 overwinterende bosvleermuizen in deze kasten gevonden.
Zeldzame soort in Vlaanderen
De bosvleermuis heeft een gewicht van ongeveer 13 tot 20 gram en een spanwijdte van 26 tot 32 centimeter. De vachtkleur van de bosvleermuis is eerder donkerbruin. De buikvacht is soms iets lichter dan de rugvacht.
Het is een zeldzame soort in Vlaanderen. In de zomer vinden we ze, met behulp van vleermuisdetectors in lage aantallen in heel Vlaanderen, maar kolonies zijn enkel gekend in grotere oude bosgebieden in de leemstreek. In de winter houden de dieren, net als andere vleermuizen, een winterslaap, en zijn er amper waarnemingen. Dat komt omdat de bosvleermuis in onze contreien jaarrond in boomholtes leeft en deze erg moeilijk te vinden zijn. Maar de soort komt soms ook voor in vleermuiskasten in oude bosgebieden.
De soort staat bekend als een migrerende soort. Uit ringgegevens blijkt dat de dieren uit noordwestelijk Europa in zuidwestelijke richting trekken over afstanden tot meer dan 1500 km.